|
2010-06-23 NVP prioriteiten aan informateur gestuurd Brief aan de heer Rosenthal:
Geachte heer Rosenthal,
In verband met het informatieproces om een nieuw kabinet te vormen vraagt de Nederlandse Vereniging van Participatiemaatschappijen (NVP) om 3 belangrijke zaken in uw proces mee te nemen.
1. Innovatie en ondernemerschap door stimulering venture capital
De Nederlandse economie moet veerkracht en vitaliteit tonen in deze economisch lastige tijd. Daarom moet stimulering van innovatie en ondernemerschap speerpunt zijn. Hierbij ziet de NVP een belangrijke rol voor venture capital weggelegd. Venture capital kan gestimuleerd worden door:
o Uitbreiding van goede bestaande regelingen zoals de SEED-faciliteit wat betreft schaal en toepassingsmogelijkheden.
o Het opzetten van een fund of funds, ter grootte van EUR 200 miljoen, dat investeert in venture capital fondsen. Dit fund of funds zou kunnen worden gefinancierd door de Nederlandse overheid, het bedrijfsleven, beleggers en het European Investment Fund.
2. Toestaan van risicodragend kapitaal in de zorgsector
De manier waarop de zorgsector nu gefinancierd wordt is op den duur onhoudbaar. De toegankelijkheid en kwaliteit van de gezondheidszorg is gebaat bij het toestaan van risicodragend kapitaal.
De overheid kan daarbij duidelijke eisen stellen aan de kwaliteit en solvabiliteit van de instelling:
o via sectorale wetgeving kunnen minimale kwaliteitsvoorwaarden worden voorgeschreven die afdwingbaar zijn.
o minimumeisen kunnen opgelegd worden ten aanzien van solvabiliteit van een instelling, voordat tot een winstuitkering kan worden besloten.
Belangrijke randvoorwaarde daarbij is dat er ook een duidelijke verantwoordelijkheidsverdeling (governance) bij zorginstellingen komt.
3. Nederland betrouwbaar en rechtszeker investeringsland
Met betrekking tot de fiscale infrastructuur van Nederland doet de NVP de volgende aanbevelingen:
o Wetgeving moet zorgvuldig zijn, waarbij minder gebruik wordt gemaakt van open normen en bijkomende effecten vooraf goed worden onderzocht.
o De belastingdienst zou meer zekerheid vooraf moeten kunnen bieden aan belastingplichtigen.
o In het kader van rechtszekerheid moet het rulingbeleid van de belastingdienst worden gepubliceerd.
o De looptijd van een ruling van de belastingdienst moet kunnen aansluiten bij de looptijd van een fonds van een participatiemaatschappij.
In Bijlage I treft u een nadere toelichting op de bovengenoemde punten van de NVP aan.
In Bijlage II treft u een uiteenzetting over private equity: wat zijn en doen participatiemaatschappijen en wat zijn de economische en sociale gevolgen van private equity in Nederland.
Mocht u nadere vragen of opmerkingen hebben, dan kunt u uiteraard te allen tijde contact met ons opnemen.
Met vriendelijke groet,
André Olijslager
voorzitter
BIJLAGE I
Uitwerking van de 3 punten die de Nederlandse Vereniging van Participatiemaatschappijen (NVP) bepleit om in het informatieproces mee te nemen.
1. Innovatie en ondernemerschap door stimulering venture capital
De Nederlandse economie moet veerkracht en vitaliteit tonen in deze economisch lastige tijd. Daarom moet stimulering van innovatie en ondernemerschap speerpunt zijn. Hierbij ziet de NVP een belangrijke rol voor venture capital weggelegd.
Naast het feit dat venture capital fondsen het benodigde kapitaal bijdragen om innovatie te voeden, brengen zij ook management vaardigheden, inhoudelijke kennis en een netwerk voor starters met zich mee. Het venture capital model is een duurzaam en stabiel business model; het committeert zich aan een bedrijf voor een periode van gemiddeld 5 jaar. In de afgelopen jaren is er jaarlijks in ruim 200 starters geïnvesteerd door venture capital partijen, waarbij het in 2008 om EUR 460 miljoen ging en in 2009 om EUR 150 miljoen.
De beleggingen in venture capital fondsen blijven echter achter bij de vraag uit de markt. Deze ontwikkeling wordt momenteel versterkt door de economische crisis.
Het gebrek aan ondernemingskapitaal kent een aantal oorzaken:
o De toekomst van de Nederlandse economie is onzeker waardoor beleggers terughoudend zijn met beleggingen voor een langere periode;
o Er zijn dwingende kapitaalseisen aan institutionele beleggers waardoor deze maar een relatief laag percentage voor de lange termijn kunnen beleggen in venture capital (thans circa 2%) en nieuw ondernemerschap; en
o Het klimaat van risico participatie voor de langere termijn is in Nederland nog niet zo ontwikkeld als in andere Europese landen.
Daarom is de NVP van mening dat er twee concrete stappen ondernomen zouden moeten op het gebied van venture capital:
1. Uitbreiding van goede bestaande regelingen zoals de SEED-faciliteit wat betreft schaal en toepassingsmogelijkheden.
2. Het opzetten van een fund of funds, ter grootte van EUR 200 miljoen, dat investeert in venture capital fondsen. Dit fund of funds zou kunnen worden gefinancierd door de Nederlandse overheid, het bedrijfsleven, beleggers en het European Investment Fund.
2. Toestaan van risicodragend kapitaal in de zorgsector
De manier waarop de zorgsector nu gefinancierd wordt is op den duur onhoudbaar:
o Zorgverleners moeten juist nu investeringen doen om in de toekomst betere patiëntgerichte zorg te kunnen bieden.
o Zorgondernemingen bezitten vaak een zeer beperkt eigen vermogen, en zijn daardoor vrijwel geheel bancair gefinancierd. Banken eisen extra eigen vermogen om de benodigde investeringen te financieren.
o Gezien de bezuinigingen en krappe marges is het voor de meeste organisaties onmogelijk om op eigen kracht het benodigde extra eigen vermogen op te bouwen.
o Gezien de aanstaande bezuinigen op de zorg is de continuïteit van zorg mogelijk in gevaar als instellingen niet ondersteund kunnen worden door private investeerders. Het op het laatste moment inspringen met belastinggeld is een zeer kostbare oplossing die niet past in deze tijd van bezuinigingen.
De NVP ziet een bereidheid bij participatiemaatschappijen om risicodragend kapitaal te verstrekken indien zij een normale vergoeding daarvoor krijgen en zeggenschap over strategie en financiële zaken. De overheid moet duidelijke eisen stellen aan de kwaliteit en solvabiliteit van de instelling:
1. via sectorale wetgeving kunnen minimale kwaliteitsvoorwaarden worden voorgeschreven die afdwingbaar zijn. Overigens is uit meerdere onderzoeken gebleken dat concurrentie juist de kwaliteit bevordert. Investeerders en patiënten hebben meestal hetzelfde belang.
2. minimumeisen kunnen opgelegd worden ten aanzien van solvabiliteit. Momenteel is de solvabiliteit van zorginstellingen vaak lager dan 10%. Er kan gedacht worden aan een regeling dat er geen uitkering kan plaatsvinden voordat de solvabiliteit van de instelling op een bepaald niveau is (10 of 15%). Overigens zullen banken hier ook een natuurlijk tegenwicht vormen: bankconvenanten zullen eisen dat het eigen vermogen op een bepaald niveau moet zijn, voordat kapitaalverschaffers uitkeringen kunnen doen.
Belangrijke randvoorwaarde daarbij is dat er ook een duidelijke verantwoordelijkheidsverdeling (governance) bij zorginstellingen komt.
3. Nederland betrouwbaar en rechtszeker investeringsland
Nederlandse participatiemaatschappijen maken zich zorgen over toekomstige regelgeving vanuit de overheid. Dat blijkt uit het onderzoek “De staat van het Nederlandse vestigingsklimaat voor investeringsfondsen in 2009”, uitgevoerd door PricewaterhouseCoopers (onder leiding van Oscar Kinders en Gijs Fibbe) in opdracht van de NVP eind 2009.
Vooral de vormgeving en de toon van de discussie bij de plannen om de renteaftrek in de vennootschapsbelasting verder te beperken en de snelheid waarmee fiscale wetswijzigingen elkaar opvolgen worden als schadelijk beoordeeld.
Met betrekking tot de fiscale infrastructuur van Nederland doet de NVP de volgende aanbevelingen:
o Wetgeving moet zorgvuldig zijn, waarbij minder gebruik wordt gemaakt van open normen en bijkomende effecten vooraf goed worden onderzocht.
o De belastingdienst zou meer zekerheid vooraf moeten kunnen bieden aan belastingplichtigen.
o In het kader van rechtszekerheid moet het rulingbeleid van de belastingdienst worden gepubliceerd.
o De looptijd van een ruling van de belastingdienst moet kunnen aansluiten bij de looptijd van een fonds van een participatiemaatschappij.
|